Waar kun je zwerfstenen vinden?

Vroeger waren delen van Drenthe bezaaid met stenen. Vooral de Hondsrug stond er om bekend. Bij de ontginning van de heidevelden in de vorige eeuw kwamen bij het spitten en ploegen van de grond op sommige plaatsen zwerfstenen bij duizenden te voorschijn. Akkers die vol lagen met kleine en grote keien waren toen heel gewoon. Vandaag de dag is op de akkers en de heidevelden nauwelijks nog een steen te vinden. Alleen bij graafwerkzaamheden komen ze nog te voorschijn. Ook in dit opzicht is Drenthe een uitgeruimde provincie geworden. 

 

Zwerfstenen verdwijnen door oogst- en bewerkingsmethoden in de landbouw. Bij het rooien van aardappelen komen ze uit de akker mee omhoog. Bij het sorteren worden de keien apart gehouden, op hopen gegooid en afgevoerd. Dit maakt dat landbouwakkers na een aantal jaren oogsten nagenoeg vrij van stenen zijn.

 

Akker met zwerfstenen - Hoge Veld (Norg (Dr.)

Nog niet zo lang geleden waren akkers als deze bezaaid met duizenden zwerfstenen. Na een paar jaren verbouwen en oogsten zijn de meeste keien verdwenen. Voorgoed.

In de late herfst en in de winter bieden deze akkers een prima mogelijkheid om hier naar zwerfstenen te zoeken. Door de blekende werking van regen zijn de keien redelijk schoon geworden.

 

Omdat vroeger bij het ploegen steeds weer nieuwe stenen te voorschijn kwamen dacht men dat keien in de bodem groeiden. Geen gekke gedachte want vooral op heidevelden spitte men vaak zwerfkeien op met kleine worteltjes er aan. Aangezien planten leven en groeien dankzij hun wortels, dacht men het bewijs te hebben dat stenen met worteltjes ook in de bodem konden groeien. Dat keien niet in de bodem groeien blijkt een echter een moeilijk uit te roeien fabeltje.

Het steeds maar weer verschijnen van zwerfkeien op akkers is een fysisch proces dat in vorstige winters optreedt. Het wordt veroorzaakt door het afwisselend bevriezen en ontdooien van de grond rond de stenen, waardoor deze heel geleidelijk opvriezen en zo in de bouwvoor terecht komen. Stenen die bij het oogsten worden afgevoerd zijn voorgoed verdwenen en nieuwe groeien niet aan.

 

Zwerfstenen - Hoge Veld, Norg (Dr.)

Bij het mengwoelen van akkerland komen op sommige percelen bijzonder veel zwerfstenen te voorschijn. De grote aantallen keien zijn gerelateerd aan bepaalde keileemtypen.

Zwerfstenen - Hoge Veld (Norg (Dr.)

Het Hoge Veld is onderdeel van de zandrug van Zeijen, één van de zand/keileemruggen binnen het Hondsrugcomplex. Rapakivigranieten komen hier bijzonder veel voor.

 

 

Zwerfstenen op aardappelakker bij Borger (Dr.)

Bij het oogsten komen behalve aardappelen ook zwerfstenen te voorshijn. Deze worden op hopen gegooid. In de loop van de winter spoelen ze prachtig schoon.

Akkerzwerfstenen bij Borger (Dr.)

Het gezelschap zwerfstenen op de Hondsrug in Drenthe heeft een bijzondere samenstelling. Roodachtige granieten uit Zuidwest-Finland komen er veel voor.

 

Zwerfstenen verdwenen ook nog op een andere manier. In de 19e eeuw werd in Drenthe op grote schaal aan keiendelven gedaan. Vooral op de Hondsrug was dit een lonende bezigheid. De rijkdom aan grote en kleine keien was vooral op de oostelijke Hondsrug uitzonderlijk groot. Alle stenen van het formaat duivenei en groter werden uit de grond opgespit en vervolgens tot gruis geklopt. Daarmee verhardde men wegen en boerenerven. De grotere keien kregen een andere bestemming. Die sloeg men in brokken om daarmee de dijken langs de toenmalige Zuiderzee te versterken. Door deze activiteiten zijn vele miljoenen keien uit het Oost-Drentse landschap verdwenen. Het gevolg van dit alles is dat het weinig zin heeft om nu nog op akkers en op heideveldennaar stenen en fossielen te zoeken, een enkele uitzondering daargelaten. Hier komt bij dat akkerstenen bij verzamelaars niet populair zijn. Hardnekkig vuil en bruinzwarte humusbestanddelen maakt de stenen onaantrekkelijk en vaak ook onherkenaar De vuiligheid laat zich maar moeilijk verwijderen.

 

IJselmeerdijk bij Schellinkhout (NH.)

De verstening van de voormalige Zuiderzeedijken begon vooral in de jaren na 1730. De benodigde zwerfkeien kwamen voor een belangrijk deel uit Drenthe. Vooral het Hondsruggebied in Oost-Drenthe leverde daaraan een belangrijke bijdrage.

Grote zwerfstenen - Borger (Dr.) 

Grote zwerfkeien brachten in de 18e en 19e eeuw flink meer geld op dan kleinere stenen. Ze werden per schip afgevoerd naar de Zuiderzeedijken in Noord-Holland. Vele tienduizenden keien kregen zo een nieuwe bestemming.

Waar dan wel te zoeken?

Bij graafwerkzaamheden bijvoorbeeld voor wegaanleg, huizenbouw, rioleringen e.d. Overal in zandig Drenthe en omstreken heb je een goede kans om dan zwerfstenen te vinden. Na een paar regenbuien zijn de meeste keien schoongespoeld. Dat maakthet zoeken wel zo plezierig. Je ziet meteen wat je vindt. In het Hondsruggebied komen meer dan elders in Drenthe zwerfstenen uit de bodem te voorschijn. Bovendien zijn ze minder sterk verweerd dan keien die aan de oppervlakte hebben gelegen. Let dus op waar gegraven wordt, wees nieuwsgierig en denk niet dat er geen stenen zullen liggen. Het spannende van stenen zoeken is dat je van te voren niet weet wat je zult aantreffen. Zelfs de kleinste zand- of leembult levert wel eens zeldzaamheden op.

 

Keileem met zwerfstenen - N33 bij Gieten (Dr.)

Bij graafwerkzaamheden komen uit keileem soms veel zwerfstenen te voorschijn. Zwerfstenen uit keileem zijn na een paar regenbuien prachtig schoon. Afhankelijk van de verweringsgraad zijn de minerale bestanddelen in deze keien goed met het blote oog of met de loep te zien.

Kalkzwerfstenen in keileem - N33 bij Gieten (Dr.)

Onverweerde keileem is kalkrijk. In de leem komen maast granieten en gneizen talrijke Ordovicische en Silurische kalkstenen voor, vaak met fraaie fossielen erin.

 

In Drenthe zijn nog heidevelden met zandkuilen waar je haar hartenlust stenen kunt zoeken. Het Balloërveld bij Rolde is daar een goed voorbeeld van. In de grote zandverstuiving opzij van het schelpenpad liggen duizenden en nog eens duizenden stenen en steentjes. De grootste zijn inmiddels verdwenen, maar de kleinere zijn niet minder interessant. Bovendien wegen die minder, je kunt er dus meer van meenemen.

 

Zandverstuiving met keizandniveau op het Balloërveld bij Rolde (Dr.)

In de zandverstuiving en op de zandpaden liggen duizenden meest kleine zwerfstenen. Ze vormen het restant van de laag keileem die in de laatste ijstijd door uitblazing en uitspoeling geheel is verdwenen. 

In het keizand op het Balloërveld vind je een groot sortiment aan zwerfsteensoorten. De stenen zijn weliswaar aan de kleine kant, maar ze zijn schoon en vaak enigszins glanzend gezandstraald. In de talloze vuursteentjes kun je makkelijk kleine fossielen vinden, vooral kleine bryozoën (mosdierjes).

 

Het sortiment zwerfstenen op het Balloërveld is bijzonder groot, groter dan op de Hondsrug. Dat komt omdat de keileemlaag – dat is de ijstijdafzetting die achter bleef nadat het ijs was weggesmolten – hier in twee sterk verschillende soorten boven elkaar voorkwam, elk met zijn eigen gezelschap aan zwerfstenen. De keileemafzetting op het Balloërveld is in de loop van de tijd door verwering en uitspoeling vrijwel overal verdwenen. Alleen de zware bestanddelen, waaronder stenen, zijn blijven liggen. Je vindt er zwerfstenen uit Zuidwest-Finland, heel Zweden, de Oostzee en zo nu en dan een enkel exemplaar uit Zuid-Noorwegen. De vindplaats daar is zeker de moeite waard om eens rond te neuzen. Bang dat anderen je voor zijn geweest hoef je niet te zijn. Het voortdurend lopen en graven door kinderen en het verstuiven van zand brengt telkens nieuwe stenen te voorschijn.

  

Groeve Schlangen - Werpeloh (Dld.)

Zandgroeves zijn voor het verzamelen van stenen aantrekkelijke zoekplaatsen. Er vindt iedere dag nieuwe aanvoer plaats en de stenen zijn meestal schoon. Alleen.... in steeds meer zandgroeves ben je niet langer welkom. Te gevaarlijk.

 

 

De dagelijkse aanvoer van nieuwe zwerfstenen maakt dat je in een bepaalde zandgroeve in de loop van de tijd een interessante lokaalverzameling kunt samenstellen, die zich onderscheidt door zijn bijzondere sortiment.

Tenslotte zijn zandgroeves een goede mogelijkheid om stenen te zoeken. Vroeger had je in Drenthe op tal van plaatsen zandgroeves en zandzuigerijen. Men werkte er kleinschalig waardoor je veel meer dan tegenwoordig kans had om stenen te vinden. Zandgroeves zijn er nog wel, maar minder in getal en enorm opgeschaald. Het productieproces is enorm ‘verbeterd’, d.w.z. voor de exploitant. Dit heeft tot gevolg dat lang niet overal meer gezocht mag worden. Men vindt het te gevaarlijk. Hier komt bij dat grotere zwerfstenen, die eerder voor de zuigbuis werden weggevangen en aan de wal gebracht, nu op de bodem van de zuigplas achter blijven. Men wervelt momenteel met krachtige waterstralen onder water zand op,  dat vervolgens wordt opgezogen. Met het zand komen weliswaar talrijke stenen mee, maar dat zijn overwegend kleine. Als je van de zuigerbaas al toestemming krijgt om te zoeken, richt je dan op het uitgezeefde grind. Niet alleen zijn de stenen schoongewassen, in de grindhopen is veel te vinden. Denk niet dat klein niet interessant is, mooie stenen hoeven niet groot te zijn.

 

Het zijn niet alleen zwerfstenen die boeien, ook de afzettingen waar de stenen samen met het zand uit weggegraven worden, vertellen een boeiend verhaal van woeste smeltwaterstromen en nabije landijskappen.

 

 

Sommige stenenzoekers beperken het zoeken naar zwerfstenen en fossielen tot één enkele groeve. In de loop van de tijd vormen de vondsten zo een unieke lokaalverzameling. 

Stenen zoeken langs de Oostzeekust in Duitsland en Denemarken

In het Duitse Mecklenburg en in Sleeswijk-Holstein heb je in het binnenland veel zand- en grindgraverijen. Op zwerfsteengebied is het daar een 'luilekkerland'. In de enorme hopen zwerfstenen is de rotsbodem van een groot deel van Scandinavië vertegenwoordigd. Ook vind je er veel fossielen. Deze zitten in vuursteen, maar komen ook en vaak mooier in kalkstenen voor. Deze kalksteenfossielen komen in hoofdzaak uit perioden als het Cambrium, Ordovicium en het Siluur.

Landschappelijk mooi en bijzonder aantrekkelijk om te zoeken zijn de talloze steenstranden onderlangs hoge keileemkliffen. Deze kliffen vind je zowel aan de Duitse Oostzeekust als op de Deense eilanden. De stenen op de stranden zijn door de branding meestal fraai afgesleten. Verweringsverschijnselen, die bij ons vaak het zicht op het soort zwerfsteen ontnemen, ontbreken veelal.

 

Noordelijke zwerfstenen in Duitse zandgroeves 

Tussen Cuxhafen, Hollenstedt, zuidelijk van Hamburg, Lüneburg en Hitzacker aan de Elbe loopt een eindmorene. Deze is in de laatste fase van de Saale-ijstijd door een stagnerend ijsfront ontstaan. De rijkdom aan zwerfstenen is enorm, zowel in zandgroeves als op sommige akkers. 

 

 

Zwerfstenen bij Vastorf (Dld.)

In de zwerfsteenhopen in groeves of opzij van de akkers komen zwerfsteensoorten voor uit Zuidwest-Finland, Zweden, Botnische Golf en Oostzee en ook uit het Oslogebied in Zuid-Noorwegen. Het zwerfsteengezelschap komt sterk overeen met dat op de Hondsrug in Drenthe.

Keileemklif en steenstrand bij Hubertsberg aan de Oostzee. Achter het klif ligt een camping, een prima uitvalsbasis voor een paar dagen stenen zoeken. 

 

 

Door golfwerking hebben de stenen op het steenstrand prachtig afgeronde vormen. Gletsjerbeschadigingen en verweringsverschijnselen zijn door het heen en weer rollen in de branding verdwenen. 

In Denemarken kun je naar hartenlust naar zwerfstenen zoeken. De steenstranden langs de hoge keileemkliffen liggen er vol mee. De mooiste vindplaatsen vind je in Noord-Jutland (Limfjord) en op de Deense eilanden.

Ieder jaar kalven de keileemkliffen verder af. Dit betekent ieder jaar verse aanvoer van zwerfstenen. De branding zorgt er voor dat klei en fijn zand worden afgevoerd. Alleen het zware materiaal, zwerfstenen en grof zand dus, blijven liggen.

 

 

Op het steenstrand van Skovmose op het Deense eiland Als liggen miljoenen zwerfstenen. Een hamer is niet nodig. De stenen zijn meest handgroot.

 

De variatie aan steensoorten is enorm: stollinggesteenten, sedimentaire en metamorfe zwerfstenen liggen er voor het oprapen.